Cavia's, ook wel Guinese biggetjes genoemd, stammen af van Zuid-Amerikaanse knaagdieren. In sommige landen worden cavia's gefokt als voedsel, in Peru is het bijvoorbeeld heel normaal om cavia's te eten. In Nederland is dat geen gewoonte. Hier worden cavia's vooral als huisdier gehouden.
Er zijn met 4.857 cavia's dierproeven uitgevoerd in 2010, met name voor de ontwikkeling van geneesmiddelen en vaccins. Dit waren grotendeels gefokte cavia's en dus geen huisdieren. Alleen als een diereigenaar een dierdonorcodicil heeft ingevuld, wordt een huisdier na het overlijden gebruikt voor onderwijs. Omdat muizen en ratten sneller te fokken zijn, worden tegenwoordig veel minder cavia's gebruikt dan vroeger.
Cavia's hebben veel biologische overeenkomsten met mensen. Hierdoor zijn ze nuttig op meerdere onderzoeksvlakken. Bijvoorbeeld bij studies naar voedsel, zo is dankzij hen vitamine C ontdekt. Cavia's worden ook gebruikt voor onderzoek naar allergische reacties, onder andere van de luchtwegen om behandelingen voor astma te ontwikkelen en verbeteren.